© 2023 by Jade&Andy. Proudly created with Personal Trigger

E-learning is de verzamelnaam voor leren (gestuurd en zelfgestuurd) met behulp van de mogelijkheden van ICT (in het bijzonder internettechnologie). Aanvankelijk werd gesproken over web based leren, teleleren of online leren. Analoog aan ‘e-business’ en ‘e-commerce’ wordt sinds ongeveer 1999 de term ‘e-learning’ gebruikt.

 

De mogelijkheden van internettechnologie zouden de traditionele manier van leren kunnen helpen verbeteren. Zowel binnen het reguliere onderwijs als binnen post-initiële opleidingen, zoals bedrijfsopleidingen. De verwachting was dat leren met behulp van het internet effectiever, efficiënter en aantrekkelijker zou worden. Internettechnologie zou het mogelijk moeten maken om complexe taken te leren binnen krachtige, flexibele en zogeheten ‘authentieke’ leeromgevingen. Bovendien leek de technologie veelbelovend in het licht van het inrichten van leerprocessen waarbij de lerende en het leerproces centraal staan en interactie en communicatie een centrale rol spelen.

 

Aanvankelijk werd e-learning gedefinieerd als het volledig online volgen van cursussen, opleidingen en trainingen. Veel deelnemers hadden kritiek op deze manier van leren. Het was een eenzame manier van leren, die vooral gericht was op het consumeren van informatie. Als reactie hierop werd gekeken naar de mogelijkheid om individueel online leren te combineren met groepsbijeenkomsten waar interactie plaats vond. Dit werd rond 2001 ‘blended learning’ genoemd.

 

Rond 2003 kwam er kritiek op deze ‘formele manier’ van leren. Er werden vraagtekens gesteld bij de verhouding tussen de kosten en baten van opleidingen. Organisaties zouden meer gebruik moeten maken van de expertise van medewerkers, en hun werknemers moeten faciliteren om kennis en ervaring ook met behulp van ICT te delen. Er zou meer nadruk moeten worden gelegd op ‘informeel leren’.

 

Bij informeel leren is geen sprake van een ‘sociaal contract’ tussen een organisatie en de lerende. De lerende neemt zelf het initiatief voor het leren, en wordt hiertoe hooguit gefaciliteerd door een organisatie. In de praktijk gaven organisaties lerenden in toenemende mate meer invloed geven op leerdoelen, leeractiviteiten, leerinhouden en de setting waarbinnen geleerd wordt. Dat betekent dat lerenden hun leerproces ook binnen cursussen en trainingen meer zelf kunnen sturen. Vandaar dat we liever spreken over gestuurd en zelfgestuurd leren, in plaats van over formeel en informeel leren.

 

In de loop der jaren is de kwaliteit van e-learning verbeterd doordat organisaties door ervaring veel beter weten wat werkt en wat niet werkt. Verder is al met al de veelzijdigheid van e-learning in de loop van de jaren fors toegenomen. Dat heeft enerzijds te maken met steeds meer technologische mogelijkheden, en door veranderende opvattingen over onderwijs, opleiden en leren.  Binnen het onderwijs en arbeidsorganisaties wordt het belang van actief leren en zelfgestuurd of zelfgeorganiseerd leren in toenemende mate onderstreept, gefaciliteerd en erkend. De leerfunctie binnen arbeidsorganisaties verandert van opleiden naar leren & ontwikkelen met behulp van ICT.

We zullen dit illustreren aan de hand van voorbeelden bij redenen om e-learning toe te passen.

 

Waarom e-learning?

 

Er zijn grofweg vijf redenen om e-learning toe te passen:

1.      ICT kan de flexibiliteit van onderwijs, opleiden en leren vergroten. Daarbij gaat het om tijd- en plaatsonafhankelijk leren, leren in eigen tempo, leren wanneer je wilt leren en leren naar behoefte. Mobiele, draadloze en zelfs draagbare technologie versterken deze flexibiliteit nog verder. Dankzij deze technologieën is het ook gemakkelijker geworden om op de werkplek met ICT te leren.

2.      ICT vergroot de leeromgeving van lerenden. Dankzij ICT doorbreek je de muren van de organisatie. We beschikken niet alleen over een enorm en zeer divers scala aan bronnen, maar we kunnen bovendien dankzij sociale media binnen een breed netwerk -binnen en buiten organisaties- kennis uitwisselen. Bovendien bieden zogenaamde massive open online courses ons de mogelijkheid om met duizenden tegelijkertijd tegen zeer lage kosten te leren van experts van vooraanstaande universiteiten.

3.      ICT faciliteert krachtige leeromgevingen. Dankzij ICT is de gereedschapskist van docenten, opleiders en lerenden sterk uitgebreid. We beschikken over specifieke leertechnologieën zoals leermanagement systemen en toetsapplicaties maar ook over technologieën die niet voor leerdoeleinden zijn gemaakt en wel voor leren worden gebruikt. Sociale media zijn daar een voorbeeld van. 
Drie voorbeelden van krachtige leertechnologieën zijn:

·         Serious games en simulaties stellen je in staat om een complexe werkelijkheid in een veilige situatie en op een interactieve manier te bestuderen. Daarbij kun je het gedrag van lerenden monitoren.

·         Het gebruik van online video voor het presenteren van authentieke cases, voor het demonstreren van vaardigheden, voor het illustreren van concepten, voor het geven van instructies (die lerenden in eigen tempo kunnen bestuderen), voor ’story telling’ en voor het creëren van producten door lerenden.

·         Het gebruik van student response systemen voor het in kaart brengen van voorkennis, het peilen van meningen, het checken van begrepen uitleg of het betrekken van ’stille’ lerenden bij de les. Met behulp van deze applicaties kun je hoorcolleges of lessen meer interactief en activerend maken wat de effectiviteit ten goede komt.

4.      ICT kan onderwijs, opleiden en leren efficiënter maken. Het aanbieden van meer leeractiviteiten tegen lagere kosten is van oudsher een belangrijker drijfveer geweest voor e-learning. In de praktijk bleek dat een lastige opgave te zijn. Toch zijn er genoeg cases bekend waarbij het gebruik van ICT heeft geleid tot lagere kosten voor opleiden. We doelen dan niet alleen op internationaal opererende bedrijven die fors konden snijden in reis- en verblijfskosten. Een Nederlandse zorginstelling heeft bijvoorbeeld ook berekend dat het ‘blended’ maken van een BHV-cursus kan leiden tot lagere kosten doordat de BHV-medewerkers via blended learning minder tijd kwijt waren aan de BHV-cursus dan bij een traditionele aanpak. Het gevolg was dat de instelling veel minder kosten hoefde te maken om deze medewerkers te vervangen. Bovendien kunnen dankzij ICT processen als het inschrijven voor cursussen dankzij ICT efficiënter worden georganiseerd.

5.      ICT kan betrokken een beter zicht geven op de voortgang. Door gebruik te maken van online systemen is steeds meer bekend over hoe deelnemers leren, en welke progressie zij boeken. We beschikken over steeds geavanceerdere technologieën om leerprocessen te analyseren. Deze tools voor ‘learning analytics’ bieden organisaties en individuen meer zicht op de kwaliteit van leren en opleiden. Tegelijkertijd beschikken we over toepassingen als ‘badges’ om kleinschalige mijlpalen te belonen. Onderzoek laat zien dat dit de motivatie van lerenden ten goede komt.

Voor- en nadelen van e-learning.

E-learning heeft een aantal voor- en nadelen. Overigens zijn deze voor- en nadelen niet voor elke organisatie aan de orde.


Voordelen

Flexibiliteit 
Lerenden hebben tot 24 uur en zeven dagen per week toegang tot de leeromgeving.  Werknemers hebben toegang tot trainingsmogelijkheden waar en wanneer ze maar willen, thuis of op het werk. Het leermateriaal kan gemakkelijk in ‘brokjes’ worden verdeeld, waardoor de cursist de stof beter naar eigen behoefte kan opnemen. Het is mogelijk dat lerenden plaats- en tijdonafhankelijk leren, en dat ze precies datgene leren wat ze nodig hebben, op het moment dat ze het nodig hebben (just-in-time, just enough).


Besparing trainingstijd
Bij klassikale trainingen moeten alle lerenden evenveel tijd besteden aan de training. Bij e-learning kunnen lerenden beter in eigen tempo leren en net zo veel tijd aan de training besteden, als zij dat nodig hebben. Snelle lerenden zullen daardoor minder tijd besteden aan de training.


Besparing reistijd en reis- en verblijfskosten
Dankzij e-learning hoeven lerenden minder te reizen om deel te nemen aan cursussen of opleidingen. Ze geven ook minder geld uit aan reis- en verblijfskosten. Dit voordeel is kleiner naarmate lerenden minder ver hoeven te reizen om aan een cursus of training deel te nemen.


Secundaire processen verbeteren
Er zijn organisaties die ICT vooral inzetten om de administratieve processen rond cursussen en trainingen op een effectieve en efficiënte manier vorm te geven. Denk daarbij aan de work flow rond het aanvragen van toestemming voor het volgen van een training, en de afhandeling van deze aanvraag.


Sneller leren
Dankzij e-learning is het mogelijk om meer medewerkers in kortere tijd te trainen. Je kunt met één trainer meer cursisten bereiken dan voorheen, omdat je trainer en cursisten niet meer bij elkaar hoeft te brengen in één ruimte. Daardoor kunnen werknemers ook bijvoorbeeld sneller verplichte leerstof tot zich nemen (bijvoorbeeld als gevolg van nieuwe wetgeving). E-learning leidt dan tot concurrentievoordelen.


Actuele, consistente, kennis
Trainers kunnen het cursusmateriaal makkelijk up-to-date houden door in een handomdraai voor een geheel netwerk een aanpassing te doen, waardoor de werknemers toegang hebben tot de meest actuele informatie. Het voordeel is ook dat alle medewerkers dezelfde informatie gepresenteerd krijgen. Bij face-to-face cursussen kan de inhoud per trainer variëren.Geavanceerde web-based leerstof is overigens minder gemakkelijk te wijzigen.


Didactische voordelen
Een belangrijke winst van e-learning, is het feit dat het mogelijk is met ICT een rijkere leeromgeving te maken. Daar zijn veel voorbeelden van te geven. Via ICT kun je onder andere in contact komen met experts en bronnen waar je anders veel moeilijker toegang toe zou hebben. Daarnaast is het mogelijk om geautomatiseerd voortgangstoetsen af te nemen. Ook kunnen meer deelnemers en actievere rol hebben bij online discussies dan bij face-to-face discussies. Via simulaties en games kunnen lerenden in een veilige omgeving leren om gaan met complexe problemen, hun risico's en onzekerheden. Door complexe vraagstukken te visualiseren, kunnen zij meer betekenis aan verbinden (wat een belangrijke voorwaarde voor leren is).
Een laatste voorbeeld is dat je leren volgens verschillende leerstijlen via een elektronische leeromgeving mogelijk kun maken.


Werken en leren integreren
Dankzij e-learning kunnen medewerkers op verschillende locaties gemakkelijker werken aan een gezamenlijk nieuw project en ICT gebruiken om informatie op te zoeken en om met elkaar te communiceren. Leren en werken vinden geïntegreerd plaats. Je kunt bijvoorbeeld een rapport via ICT toegankelijk maken, zodat iedereen het kan aanpassen en commentaar kan toevoegen. Een ander voorbeeld is dat medewerkers snel databases of collega’s kunnen raadplegen als zij een probleem in hun werk tegen komen.


Samenwerkend leren
Leren is een sociaal proces, waarbij interactie, communicatie en samenwerken een cruciale rol spelen in de kennisverwerving en –ontwikkeling van lerenden. Daarnaast is belangrijk dat  leren plaats vindt in een relevante, complexe en flexibele, authentieke omgeving. Lerenden kunnen daardoor kennis beter kunnen transformeren naar relevante, andere situaties. Dankzij ICT kunnen krachtige, flexibele, leeromgevingen worden vormgeven waarin lerenden samen kunnen leren.


Competentiegericht leren 
Cursisten kunnen met behulp van ICT ook competentiegericht leren. Ze doen eerst een test om te zien welke competenties ze kunnen verbeteren en op basis daarvan kan de e-learning cursus starten.


Klantenbinding
E-learning kan ook worden gebruikt als extra service voor klanten, en dus voor klantenbinding. Bijvoorbeeld bij relatief ingewikkelde producten als een elektronische agenda kunnen klanten een cursus via internet doen om de functionaliteit van het apparaat te leren gebruiken.


Nadelen

Voorkeur voor leren
De meeste mensen leren het liefste via persoonlijke contacten. Diverse onderzoeken wijzen uit dat lerenden ICT vermijden, als het even kan. Dit nadeel wordt waarschijnlijk minder naarmate degenen die zijn opgegroeid met de computer en Internet deel nemen aan opleidingen (“net generation”). Maar ook dan is het de vraag of men ook graag via Internettechnologie wil leren. In de praktijk blijkt bijvoorbeeld dat ICT-ers ook het liefste face-to-face trainingen volgen, omdat men al de hele dag met ICT werkt.


Weerstanden
De invoering van e-learning leidt tot een andere manier van leren. Docenten en trainers zullen op een andere manier moeten gaan werken en zijn daartoe lang niet altijd bereid. Bijvoorbeeld omdat zij niet geloven dat goede leerresultaten met e-learning kunnen worden bereikt of dat de kosten niet opwegen tegen de baten. In vergelijking met face-to-face leersituaties zijn zij minder goed in staat om te variëren in leerinhouden en werkvormen. Verder zullen trainers weerstand tegen e-learning hebben als deze manier van leren leidt tot een hogere werkdruk. Dankzij e-learning kun je als trainer immers meer lerenden begeleiden.


Leren in eigen tijd?
Een werkgever vindt het ongetwijfeld prachtig dat zijn werknemers niet meer overdag naar een cursus moeten, maar de lerenden zelf zullen minder gemotiveerd om in eigen tijd te gaan leren terwijl men nu in de tijd van de baas een cursus mag volgen.


Contentontwikkeling duur
Het ontwikkelen van kwalitatief goede online leerstof is nog steeds arbeidsintensief en dus duur. Vooral wanneer een bedrijf met e-learning een specifiek probleem wil oplossen, waarvoor zij een maatwerk toepassing nodig heeft, hangt daar een flink prijskaartje aan. In de praktijk komt het daarom ook voor dat kwalitatief minder goede content wordt gebruikt. Dat gaat ten koste van de kwaliteit van het leren.
Wel komen de laatste tijd steeds meer applicaties op de markt waarmee het eenvoudiger (en dus goedkoper) is om kwalitatief goede online leerstof te ontwikkelen.


Ouderwets leren
Het is niet eenvoudig om met behulp van ICT een krachtige, flexibele leeromgeving te ontwikkelen, waar lerenden samen leren. Dat leidt er toe dat vormen van e-learning worden gebruikt die eigenlijk gebaseerd zijn op gedateerde opvattingen over leren.


Niet altijd geschikt
Het is niet mogelijk om alle leerdoelen te bereiken met e-learning. Wie durft  bijvoorbeeld zijn blinde darm te laten verwijderen door een arts die online geleerd heeft te opereren? 


Investeringen
E-learning vraagt om hoge investeringen van een organisatie. In de eerste plaats zal de organisatie in hard- en software en bandbreedte moeten investeren. Op de tweede plaats zullen medewerkers ruimtes ter beschikking moeten hebben waar zij ongestoord via een computer kunnen leren. Op de derde plaats vraagt e-learning om flexibiliteit van systeembeheerders. De beveiliging zal zodanig moeten worden ingesteld dat de e-learning omgeving zonder problemen gebruikt kan worden. Bovendien is de techniek die binnen e-learning programma’s wordt gebruikt nog steeds onvoldoende gestandaardiseerd, waardoor het niet altijd mogelijk is om de programma’s te gebruiken op een simpele pc (er worden bijvoorbeeld verschillende plug ins en cookies gebruikt).


Samenvattend

De inzet van e-learning kan leiden tot een meer effectieve en goedkopere manier van leren. Of dit het geval is, is onder meer afhankelijk van de kwaliteit van e-learning en van de schaalgrootte waarop leren plaats vindt. Ook geldt dat kostenbesparingen en de mate van flexibiliteit verminderen als meer gebruik wordt gemaakt van mengvormen van face-to-face en online leren.

Waarom e-learning